Project maakt sector bewust van internationale luidheidnormen

ebuVanuit iMMovator zijn Richard van Everdingen en Eelco Grimm een project gestart rond luidheid. Doel is de hele sector bewust te maken van nieuwe internationale aanbevelingen voor het meten en normaliseren van de luidheid van televisiegeluid.

Luidheid is al jaren een bron van irritatie bij kijkers, weet Van Everdingen, consultant bij Delta Sigma Consultancy. Net als Eelco Grimm (mede-eigenaar van Grimm Audio en docent aan de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht) houdt hij zich al lang bezig met onderzoek naar luidheid. Zij hebben zich beide actief ingezet op landelijke en internationale fora over dit onderwerp, zo hebben ze in 2008 zitting genomen in de speciale werkgroep van de EBU, PLOUD, die met aanbevelingen over luidheid is gekomen. Ook leverden zij een bijdrage aan de discussie, die eerder al was gestart binnen de International Telecommunication Union (ITU), het agentschap voor informatie- en communicatietechnologie van de Verenigde Naties. In 2006 publiceerde de ITU twee normen die zeer belangrijk zijn voor luidheidnormalisatie: ITU-R BS.1770 (algoritmen om audio programmaluidheid en werkelijke piekniveaus te meten), en ITU-R BS.1771 (specificaties voor luidheid- en werkelijke piekniveaumeters).

Meten
Het luidheidprobleem is namelijk eigenlijk een meetprobleem, legt Grimm uit. ‘Het ging een rol spelen nadat een adverteerder had geklaagd dat zijn tv-commercial zachter klonk dan het programma dat eraan voorafging. Na metingen bleek dat uitzendtechnici het geluid iets hadden bijgeregeld. Grimm: ‘Dat wilde die adverteerder niet, want dan zou zijn commercial minder opvallen. Hij stuurde een brief op poten, waarna de uitzendtechnici opdracht kregen om van alle spots af te blijven. Gevolg was wel dat alle spots luider gingen klinken.’
‘Voor het tv-geluid wordt een standaard gehanteerd, een vaste norm op een zogeheten Peak Programme Meter, de PPM’, vult Van Everdingen aan.‘De gedachte hierachter is dat pieken in het geluid niet boven de waarde 0 op de PPM mogen uitkomen, anders wordt het geluid overstuurd, vervormd. Maar pieken zeggen in wezen niets over de luidheid en hoe die door het menselijk oor wordt waargenomen: dat is voornamelijk gevoelig voor de gemiddelde energie. Tegenwoordig worden spots en stationcalls zo dicht mogelijk bij de PPM-norm uitgezonden: je neemt het geluid hard op en de pieken worden door een compressor weggehaald, zodat je bijna continu op die grens zit. Daardoor heb je vrijwel geen verschillen meer in dynamiek. Om het luidheidverschil met de gewone programma’s enigszins te beperken wordt zo’n compressor bij uitzending ook in de zendlijn gebruikt. Jammer voor bijvoorbeeld een regisseur die verschillen in luidheid juist wil gebruiken als creatief gereedschap.’

luid


LU-meter
De oplossing schuilt in een andere manier van meten. Grimm: ‘Je kunt beter de gemiddelde luidheid over een bepaalde tijd meten. Als je alles wat op tv wordt uitgezonden op dezelfde gemiddelde luidheid brengt, kun je binnen één programma of commercial wel verschil tussen pieken en dalen hebben, zonder dat die productie zachter klinkt dan de rest.’
‘Je hebt daarvoor een heel andere meter nodig dan de PPM’, constateert Van Everdingen. ‘Onderzoek heeft in 2006 geleid tot de publicatie van een nieuwe wereldwijde standaard voor het meten van luidheid door de ITU, een onderdeel van de VN. Een aantal fabrikanten heeft op basis daarvan meters ontwikkeld, waarop je op verschillende manieren kunt zien wat er met het geluid gebeurt. Je kunt het real-time bekijken, dan zie je de pieken en dalen heel goed. Of op een langere termijn zodat je het gemiddelde goed in de gaten kunt houden. Tot slot kun je het gemiddelde voor de hele productie door middel van één getal aflezen. Als dat op de afgesproken standaardwaarde zit, dan zijn dynamische verschillen op korte termijn helemaal geen probleem. Sterker nog, ze geven juist de ruimte om bepaalde dingen te benadrukken, die een belangrijke boodschap vertegenwoordigen. Ook in een reclame.’
Grimm: ‘Deze meters werken op basis van een loudness unit, en worden daarom wel LU-meters genoemd, met een knipoog naar de bekende VU-meters. In die nieuwe meters worden ook de eigenschappen van ons gehoor meegewogen, want onze oren zijn niet voor elke frequentie even gevoelig. Een belangrijk verschil met de PPM-meters.’

Aanbeveling
In augustus 2010 heeft de EBU de nieuwe aanbeveling R128 gepubliceerd. De richtlijn beschrijft hoe luidheid gemeten en genormaliseerd kan worden en wordt ondersteund door twee specifieke documenten: Luidheidmeting (EBU Tech 3341; Loudness Metering: ‘EBU Mode’ metering to supplement loudness normalisation in accordance with EBU R128) en Luidheidbereik (EBU Tech 3342; Loudness Range: A descriptor to supplement loudness normalisation in accordance with EBU R128).
Het eerste document beschrijft een set parameters die het fabrikanten mogelijk maakt om de meetmethode conform EBU R128 te maken. Een voorbeeld is de meterschaalverdeling. Door die te specificeren en herkenbaar te maken, zijn de meetresultaten tussen de producten van fabrikanten optimaal uitwisselbaar. De richtlijn specificeert verder drie verschillende metingen: Momentary (een meter met 400 ms integratietijd die een indicatie geeft van de momentele luidheid), Short term (een meter met een integratietijd van 3 seconden die zicht geeft op de trend van de luidheid) en Integrated (een meting vanaf een start- tot een stopmoment, normaliter een geheel programma of een gedefinieerd programma-element, zoals een reclamespot of promo). De uitkomst van de laatste meting (Integrated) is de ebuprogrammaluidheid (programme loudness) en wordt tevens gebruikt als definitie van het doelniveau waarnaar men de luidheid normaliseert (target level).
Inmiddels zijn nog twee documenten aan de verzameling van EBU R128 toegevoegd: de Praktische richtlijnen (EBU Tech 3343; Practical guidelines for Production and Implementation in accordance with EBU R 128) en de Distributierichtlijnen  (EBU Tech 3344; Practical guidelines for distribution systems in accordance with EBU R 128). Het document met praktische richtlijnen is recent gepubliceerd en beschrijft hoe het proces van luidheidnormalisatie kan worden toegepast in een productie- en uitzendomgeving. De andere richtlijn is bijna gereed voor publicatie en behandelt de weg van studio tot de apparatuur in de huiskamer, met inbegrip van settopboxen, televisietoestellen en AV-versterkers,
en het introduceert actieve luidheidnormalisatie in de distributie. Dit laatste houdt in dat de bedrijven in de distributiesector (zoals kabeltelevisie, DVB-T en satelliet) worden geïnstrueerd hoe ze actief kunnen bijdragen aan het normaliseren van de luidheidniveaus. Dit verbetert de tevredenheid van hun klanten en helpt en beschermt de omroepen die R128 (gaan) hanteren.

Bewustwording
De aanbeveling van de EBU is een unieke gebeurtenis en een mijlpaal in de wereld van televisie-uitzendingen, vinden Van Everdingen en Grimm. Maar het echte werk begint pas, beseffen ze. Nu moet de hele sector, van omroepen en productiemaatschappijen tot fabrikanten en distributiebedrijven de nieuwe normen gaan hanteren. ‘Daarom heeft iMMovator ons gevraagd alle partijen bewust te maken van de aanbevelingen’, zegt Van Everdingen. ‘In sommige landen zijn de richtlijnen vastgelegd in wetgeving, in Nederland niet. Het zijn slechts aanbevelingen. Maar we leven niet op een eiland. Het zou onverstandig zijn om deze internationale ontwikkeling niet te volgen. Bovendien zijn het draagvlak en het enthousiasme een stuk groter als dit door de markt zelf ondersteund wordt. Het zou te betreuren zijn als er een wet voor nodig is om het doel te bereiken.’ Van Everdingen en Grimm zijn daarom bezig alle partijen te bereiken, samen te brengen en door middel van onder meer presentaties in te lichten over de nieuwe internationale luidheidnormen. Ook wordt aangesloten op Project 10-10-10, dat een bijdrage levert aan tapeloos werken in de hele Nederlandse AV-sector.

Bas Nieuwenhuijsen

11-03-2011 |

Participanten

  • syntens
  • rabobank
  • ECP
  • publieke omroep
  • media park
  • gemeente amersfoort
  • media academie
  • hogeschool utrecht
  • gemeente almere
  • united broadcast facilities
  • Beeld en Geluid
  • inholland
  • TNO
  • Villa Heideheuvel
  • gemeente haarlem
  • gemeente hilversum
  • RTL Nederland
  • kvk
  • provincie noord holland
  • GfK